Nu ik na een week of 2 weer eens mijn computer open klap en ik hier, rond het middaguur, weer eens in mijn ‘huispak’ achter kan plaatsnemen besef ik me dat het lang geleden is dat dit voor het laatst kon. Afgelopen weken hebben we heel veel festivals gedaan. Wat begon in Enschede (Fringe) Een festival van een heel weekend, in het centrum van Enschede, groots was aangekondigd met een poster die een record aantal bezoekers afdwong (zie blog hieronder). Waar we vorig jaar Beste Nieuwkomer werden, hebben we dit jaar in de categorie ‘professionals’ 3 sterren bemachtigd (Weer een prijs?!). Een hele prestatie vinden we zelf, omdat we alleen maar op een bloedhete vrijdagavond kwamen spelen.

Enschede

De slechtst passende naam die we ons wel toegeëigend hebben is ‘plug in and play’ theater, en deze moesten we dan ook zien waar te maken gezien Nina diezelfde avond een trein naar Utrecht moest halen en ik vanuit Groningen weer in Leeuwarden moest verzeilen. Gelukkig hebben we in Enshede een aantal ‘gelegenheidsvrienden’ die toevallig ook in de organisatie een rol hadden en geweldig goed zijn in het helpen en afbreken. Helaas viel door alle haast wel ons dierbaarste bezit in zware tijden kapot op de klinkers en moest Sanne op haar laatste vrije dag noodgedwongen nog naar de winkel om het genre ‘zombie theater’ te ontlopen.

Dierbaarste bezit in zware tijden.

In de daaropvolgende week hebben we alles klaargemaakt voor het festival waar we al sinds vorig jaar naar uitkeken. Oerol. Vorig jaar stonden we natuurlijk bij Hessel en we hadden geen idee hoe het dit jaar (bij Boschrijck en Stay Okay) zou uitpakken. Het enige wat we wisten is dat het publiek op Oerol ons vorig jaar omarmd heeft en daar hielden we ons maar aan vast! Op vrijdagavond sliepen we met z’n drieën bij mij in Leeuwarden gezien we om 04:30 op moesten. Helaas hadden de bovenburen het idee om een feestje te geven en lagen we op het moment dat de wekker ging alle drie nog met de ogen wijd open te luisteren naar de mooie zangstem van de bovenbuurman, die alle hits van toen en nu moeiteloos bleek te kennen.
Eenmaal op Terschelling, bij Boschrijck, kregen we eerst een koningsontbijt en een rondleiding naar onze slaapzaal. Er was gelukkig rekening gehouden met het feit dat we houden van bubbelbaden, fitnessen, sauna’s, zwembad en radslagen doen in de kamer. Na een hele nacht niet geslapen te hebben waren we alsnog in een heuse droom beland.

“De wallen van wimkok, na 4 voorstellingen en een nacht niet slapen. We zijn er nu weer klaar voor. Heerlijk geslapen in onze panorama kamer en lekker ontbijt en een GOEDE bak koffie!

De voorstelling werd opgebouwd Nina en ik gingen de straat om op te flyeren. Bij de eerste voorstelling hadden we meteen al een voorprogramma! Een man op een snelle fiets was even van z’n stuk toen ik voor z’n neus sprong en hij wist niet of hij nou moest stoppen of doorfietsen en of die dan links of rechts om mij heen moest, totdat hij ineens volop de rem ging en 2 salto’s over zijn stuur maakte. Nina en ik holden (als 2 zusters zijnde) vlug naar de het plaats delict. Op dat moment zaten er al best veel mensen die het hadden zien gebeuren waarna er naar alle “oeeehs”, “aaaahs” en “ai’s” de beste man gelukkig weer zonder schrammen opstond. Toen we opeens zuster 3 naar het publiek –door de speakers- hoorden zeggen: “Tsjah, mijn vader heeft mij geleerd nooit met de voorwiel rem te remmen” .

Na voorstelling 2 kregen wij meteen verscheidene faciliteiten aangeboden: Een monitor en een partytent voor de eventuele regen die zou komen. Hieronder konden zo’n 20 man plaatsnemen, maar er kwamen gelukkig (zelfs in de regenbuien) veel meer mensen op ‘Tot de schijt ons doodt’ af! Wanneer er maar een aantal ‘lokvogels’ zaten, volgde de rest van het publiek vanzelf.

Publiek bij voorstelling (8/29)

In totaal hebben we op Oerol 25 voorstellingen gespeeld op 3 verschillende locaties. Boschrijck buiten, Stay Okay terras en Boschrijck binnen, gezien de tent de hevige regenval van de laatste vrijdag niet aan kon. In al die voorstellingen zijn er heel wat mooie momenten voorgevallen.

Zoals ik al zei, vinden we ‘plug in and play’ een lastige. Dit komt voornamelijk door de duivenconstructie. Diegene die de voorstelling gezien hebben weten wat het is. De Constructie is vooral heel lastig op en af te bouwen. Mensen die niet weten dat de ‘duivenconstructie’ bestaat, of het even vergeten zijn, zijn vaak de Sjaak als ze bij ons de tent in lopen. Veel mensen hebben rode striemen opgelopen door het onzichtbare draadje wat op keelhoogte gespannen is door de hele tent. Ook Sanne heeft wel eens gestruggled met de duivenscene. In 1 voorstelling was het totaal geen verassing meer dat daar een onzichtbare constructie zat, omdat Sanne het al even geshowd had, door rechtdoor te lopen op een punt waar het niet kon. Ze zat met haar arm muurvast in een stuk visdraad, het enige andere wat men er eventueel van kon denken is een abstract stukje dans wat net iets te lang duurde..

Als de duiven dan toch een keer eindelijk smooth hun entree maakten, wilde het nog wel eens zo zijn dat ze leidden aan obstipatie (of juist het tegenovergestelde). Bij 1 voorstelling maakte ‘mijn duif’ het wel heel bont en hij scheet precies de verkeerde kant op, namelijk midden in mijn gezicht.. En ik stond daar maar mezelf goed te houden. Wat natuurlijk heel moeilijk was..

We hebben ook veel mannen leren kennen. Op Oerol hebben wij voor zo’n 50 mannen gezongen waarvan het soms lastig was de naam te onthouden. De meest voorkomende namen waren Frank, Jeroen, Willem, Peter  en Henk (toeval..?). Sommige andere namen waren wat moeilijker. Dan verzonnen we een ezelsbruggetje. Nina kan die gelukkig heel goed duidelijk maken, door deze te fluisteren terwijl haar zender aanstaat en je door de speakers: “Perry….OH PERRY SPORT” hoort. Dat schept duidelijkheid. Of de meneer die zich voor ons achter een paal verstopt had, en ik dus per ongeluk schreeuwde ‘pak die man met die paal!’ Slechts 1x waren we door onze vermoeidheid, de naam voor een aantal pijnlijke seconden helemaal kwijt. (Het lag niet aan jou, maar aan de situatie, AUKE).

Ook tijdens andere liedjes en scenes probeert Nina vooral niets te verbloemen: “Ok-ik-ben-dus-mijn-kazoo-vergeten-die-leg-ik-normaal-altijd-hier- achter-neer-maar-nu-dus-niet-dus-doe-ik-het-even-zo-TUNUNUNUNUUU-“. Of tijdens de 1 na laatste voorstelling, toen we tijdens het ‘acapella’ lied zo gezakt waren dat toen de piano er weer bij kwam, iedereen zou kunnen denken is DIT het eindlied?! “Ho-even-een-andere-toonsoort-…JA-“ of toen onze hele backstage constructie instortte ‘Ho-er-gaat-hier-even-wat-mis-hmmm-wacht-even”.

De rekwisieten werden er ook niet beter op. De duiven hadden inmiddels een flinke klont schimmel aan hun konten hangen en van mijn pruik kregen we alle drie spontaan hooikoorts. Daardoor werden Nina en ik redelijk schor. Gelukkig kregen wij bij de Stay Okay zelfs een geluidsman meegeleverd die alle ruis er voor ons uitfilterde. En s’avonds natuurlijk aan de juttersbitter -t smeert de keel- wat dan soms wel weer vervelende neven-effecten had.

Na een week Oerol gingen we op vrijdag avond weer terug en zaterdag stonden we alweer op Festival van de Geest.

Foto: We verlaten het eiland, Sanne blijft altijd content met de situatie.

We verlaten het eiland

Voor de gelegenheid zagen we er ook uit als geesten maar het publiek bleek ons toch nog te kennen van vorig jaar! Op zondag gingen we naar Roots in de Woods in Ede en hebben we de laatste  2 voorstellingen van die week er uit geperst! CHECK.

De duifjes zitten momenteel in bad, de tent is weer opgedroogd en we zijn weer klaar voor komend weekend! Boerol en Simmerdeis staan op de agenda.

Onze CD’s, die we voor het eerst meehadden, gingen als zoete broodjes! Wil je de CD ook? Bestellen is mogelijk! Leuk als bijvoorbeeld  huwelijkscadeau. Stuur even een mailtje naar degroetenonline@gmail.com